deutch français english nederlands
U bent hier:Startpagina

Subsidiereglement voor jeugdwerkinfrastructuur

UITTREKSEL UIT DE NOTULEN VAN DE GEMEENTERAAD VAN 26 MAART 2002

Goedkeuren subsidiereglement voor jeugdwerkinfrastructuur

De Raad,

Gelet op artikel 117 van de Nieuwe Gemeentewet, zoals gecodificeerd bij koninklijk besluit van 24 juni 1988 en bekrachtigd bij artikel 1 van de wet van 26 mei 1989;

Gelet op de artikels 1, 2 en 3 van de Wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motivering van de bestuurshandelingen;

Gelet op de artikels 28 en 29 van het Decreet van 28 april 1993 houdende regeling, voor het Vlaams Gewest, van het administratief toezicht op de gemeenten, gewijzigd bij decreten van 13 april 1999 en 18 mei 1999;

Gelet op de artikels 2, 3 en 4 van de Wet van 12 november 1997 betreffende de openbaarheid van bestuur in de provincies en gemeenten;

Gelet op het Decreet van 9 juni 1993 houdende subsidiëring van gemeentebesturen en de Vlaamse Gemeenschapscommissie inzake het voeren van een jeugdwerkbeleid, gewijzigd bij decreten van 22 november 1995, 20 december 1996, 12 mei 1998 en 6 juli 2001;

Gelet op het Besluit van de Vlaamse regering van 13 juli 2001 tot uitvoering van het decreet van 9 juni 1993 houdende subsidiëring van gemeentebesturen en de Vlaamse Gemeenschapscommissie inzake het voeren van een jeugdwerkbeleid;

Gelet op het Besluit van de Vlaamse regering van 13 juli 2001 betreffende de subsidiëring van gemeentebesturen die een jeugdruimtebeleid voeren als onderdeel van het jeugdwerkbeleid;

Overwegende dat het aangewezen is aanpassingen en verfraaiingen van jeugdlokalen die bijdragen tot meer veiligheid en hygiëne te subsidiëren;

Gelet op het gunstig advies van de gemeentelijke jeugdraad in vergadering van 18 maart 2002;

Overwegende dat in een eerstvolgende begrotingswijziging de nodige kredieten zullen voorzien worden onder artikel 761/522-52 van de gewone uitgaven van de begroting van het dienstjaar 2002.

BESLUIT:

Artikel 1:

Het subsidiereglement voor jeugdwerkinfrastructuur, in bijlage aan dit besluit gehecht, wordt goedgekeurd.

Artikel 2:

Afschrift van deze beslissing wordt ter kennisgeving overgemaakt aan de Vlaamse minister van Cultuur, Jeugd, Sport, Brusselse Aangelegenheden en Ontwikkelingssamenwerking, p.a. Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap, Afdeling Jeugd en Sport, Markiesstraat 1 te 1000 Brussel, de Gemeenteontvanger wnd., de Voorzitter van de gemeentelijke jeugdraad, de dienst jeugd en buitenschoolse kinderopvang en de afdeling financiën.

Artikel 3:

In toepassing van artikel 28 van het Decreet van 28 april 1993 houdende regeling, voor het Vlaamse Gewest, van het administratief toezicht op de gemeenten, dit besluit ter kennis te brengen van het publiek en een beknopte omschrijving te versturen aan de heer Gouverneur der Provincie Oost-Vlaanderen.

BIJLAGE:

SUBSIDIEREGLEMENT VOOR JEUGDWERKINFRASTRUCTUUR

Artikel 1: Toepassingsgebied

Binnen de grenzen van de kredieten op de begroting kan het gemeentebestuur aan de erkende Kluisbergense jeugdverenigingen een subsidie toekennen, onder de in dit reglement gestelde voorwaarden, voor de aanpassing en verfraaiing van jeugdlokalen die bijdragen tot een veilig en hygiënisch jeugdlokaal.

Jeugdverenigingen die permanent gebruik maken van een gemeentelijk lokaal zijn uitgesloten en hebben geen recht op deze vorm van subsidies.

Artikel 2: Voorwaarden

De aanvraag moet gebeuren door een Kluisbergense jeugdvereniging die minimum één jaar erkend is.

De aanvraag moet betrekking hebben op het jeugdlokaal. Onder een jeugdlokaal wordt verstaan een infrastructuur die door de jeugdvereniging permanent wordt gebruikt voor de reguliere werking en die gelegen is op het grondgebied van Kluisbergen. Tot het jeugdlokaal behoren alle ruimtes die door de jeugdverenigingen benut worden voor de werking en de opslag van materiaal.

Indien de jeugdvereniging geen eigenaar is van de lokalen dan moet bij de aanvraag een afschrift van een schriftelijke huur- of erfpachtovereenkomst voor ten minste 9 jaar tussen de vereniging en de eigenaar gevoegd worden.

Bij de aanvraag hoort een uitvoerige beschrijving van de werken, met inbegrip van de eventueel nodige vergunningen, een kostenraming en een termijn van uitvoering gevoegd te worden.

Artikel 3: Controle

De aanvrager verklaart zich door het indienen van zijn subsidieaanvraag akkoord met de controle vanuit de gemeentelijke jeugdraad en vanuit het gemeentebestuur.  Bij eventuele betwistingen zal, na advies van de gemeentelijke jeugdraad, een beslissing genomen worden door het College van Burgemeester en Schepenen.

Indien blijkt dat door een vereniging onjuiste gegevens werden verstrekt of indien de voorwaarden van dit subsidiereglement door de aanvrager niet strikt worden nageleefd, kan het College van Burgemeester en Schepenen de op grond van dit reglement toegekende subsidies geheel of gedeeltelijk terugvorderen en de betrokken vereniging schorsen voor verdere subsidiëring.

Het College van Burgemeester en Schepenen is gerechtigd alle wettelijke middelen aan te wenden teneinde de juistheid van de verstrekte gegevens te kunnen nagaan. Door zijn subsidieaanvraag geeft de vereniging de toelating aan het College van Burgemeester en Schepenen om alle relevante inlichtingen over de betrokken vereniging in te winnen.

Artikel 4: Aanvraag

De aanvraag om subsidies voor jeugdwerkinfrastructuur dient ingediend te worden bij het College van Burgemeester en Schepenen vóór 1 oktober van het jaar voorafgaand aan het jaar waarin de uitvoering van de werken voorzien zijn.

De aanvrager is ertoe gehouden het College van Burgemeester en Schepenen onmiddellijk in te lichten over elke wijziging die een invloed kan hebben op het toekennen van de subsidies voor jeugdwerkinfrastructuur.

Het College van Burgemeester en Schepenen beslist over de toekenning van de subsidieaanvragen, na voorafgaandelijk advies van de gemeentelijke jeugdraad.

Artikel 5: Bedragen

De subsidie bedraagt ten hoogste 50% van de gedane en door het College van Burgemeester en Schepenen aanvaarde kosten.

De subsidie wordt slechts toegekend binnen de perken van het in de begroting ingeschreven kredieten. Het beschikbare krediet wordt evenredig verdeeld onder het aantal goedgekeurde aanvragen. Indien het volledige bedrag van de aanvragen het krediet overschrijdt, dan wordt de subsidie per aanvraag proportioneel verminderd.

Artikel 6: Betaling

De subsidie wordt uitbetaald na uitvoering van de werken en na voorlegging van een voor eensluidend verklaard afschrift van de facturen, met vermelding “voldaan” en voorzien van de handtekening van de uitvoerder of leverancier.

Artikel 7: Inwerkingtreding

Dit subsidiereglement treedt in werking vanaf 1 januari 2002. Met betrekking tot het begrotingsjaar 2002 kunnen de verenigingen, bij wijze van overgangsmaatregel, hun aanvraag indienen tot en met 15 september 2002.