![]() |
Retributiereglement betreffende grafconcessiesUITTREKSEL UIT DE NOTULEN VAN DE GEMEENTERAAD VAN 1 SEPTEMBER 2003Goedkeuren retributiereglement betreffende grafconcessies. De Raad, Gelet op de artikel 112, 114, 117 en 118 van de Nieuwe Gemeentewet, zoals gecodificeerd bij koninklijk besluit van 24 juni 1988 en bekrachtigd bij artikel 1 van de wet van 26 mei 1989; Gelet op de artikels 1, 2 en 3 van de Wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motivering van de bestuurshandelingen; Gelet op de artikels 28 en 29 van het Decreet van 28 april 1993 houdende regeling, voor het Vlaams Gewest, van het administratief toezicht op de gemeenten, gewijzigd bij decreten van 4 mei 1994, 21 december 1994, 22 december 1995, 27 mei 1997, 17 maart 1998, 13 april 1999, 18 mei 1999, 17 juli 2000 en 15 juli 2002; Gelet op de artikels 2, 3 en 4 van de Wet van 12 november 1997 betreffende de openbaarheid van bestuur in de provincies en gemeenten; Gelet op de Wet van 20 juli 1971 op de begraafplaatsen en lijkbezorging; Gelet op de beslissing van de Gemeenteraad van 26 februari 2002 inhoudende goedkeuren van het tariefreglement betreffende grafconcessies, gewijzigd bij beslissing dd. 25 februari 2003; Overwegende dat de tarieven van de grafconcessies verdubbeld worden voor personen die op het ogenblik van de aanvraag of van het overlijden niet in het bevolkingsregister van de gemeente Kluisbergen zijn ingeschreven; Overwegende dat het stoffelijk overschot van personen die op het ogenblik van de aanvraag of van het overlijden niet in het bevolkingsregister van de gemeente Kluisbergen zijn ingeschreven niet kan begraven worden in niet-geconcedeerde grond of niet worden bijgezet in een niet-geconcedeerde nis; Overwegende dat de tarieven van de grafconcessies niet verdubbeld worden voor personen die opgenomen zijn in gestichten, bejaardentehuizen, kolonies of inrichtingen voor geesteszieken of gezondheidsinrichtingen of die opgenomen zijn bij bloed- of aanverwanten tot in de derde graad, en die op het ogenbik van hun opneming ingeschreven waren in het bevolkingsregister van de gemeente Kluisbergen, doch die uit hoofde van hun opneming ertoe gehouden zijn zich te laten inschrijven in de gemeente waar de inrichting gevestigd is of waar hun bloed- of aanverwanten tot in de derde graad gedomicilieerd zijn; Overwegende dat het redelijk voorkomt dat het stoffelijk overschot van laatstgenoemde personen wel kan begraven worden in niet-geconcedeerde grond of kan worden bijgezet in een niet-geconcedeerde nis; Overwegende dat er vraag is naar het begraven van urnen in geconcedeerde grond met een oppervlakte van 1 m²; Overwegende dat hiervoor een afzonderlijk tarief dient voorzien te worden; Overwegende dat voor het begraven van een urne in geconcedeerde grond van 1 m² voor een periode van 30 jaar een retributie van 175,00 EUR per persoon voorgesteld wordt; Overwegende dat de ontvangsten en uitgaven van de gemeente in evenwicht moeten worden gehouden en dat hiervoor de vestiging van deze retributie noodzakelijk is; Gelet op het openbaar onderzoek waaruit blijkt dat tegen dit ontwerp geen bezwaren werden ingediend; Overwegende dat de beslissing van de Gemeenteraad van 26 februari 2003 inhoudende goedkeuren tariefreglement betreffende grafconcessies, gewijzigd bij beslissing van de Gemeenteraad van 25 februari 2003, met ingang van 1 september 2003 dient opgeheven te worden en vervangen dient te worden door de hiernavolgende bepalingen. BESLUIT: Artikel 1: De beslissing van 26 februari 2003 inhoudende goedkeuren tariefreglement betreffende grafconcessies, gewijzigd bij beslissing van de Gemeenteraad van 25 februari 2003, wordt met ingang van 1 september 2003 opgeheven en vervangen door de hiernavolgende bepalingen. Artikel 2: Onverminderd de artikels 7 en 9 van de Wet van 20 juli 1971 op de begraafplaatsen en de lijkbezorging, wordt met ingang van 1 september 2003 een retributie geheven voor concessies op de begraafplaatsen, zoals hierna bepaald. 1. Graven in volle grond Het begraven van een lijkkist of een asurn in niet-geconcedeerd grond van 2 m² voor een periode van 7 jaar is gratis. Na het verstrijken van voormelde periode van 7 jaar kan geen grafconcessie op dezelfde plaats worden toegestaan en kan het graf door het gemeentebestuur eenzijdig verwijderd worden. De retributie voor het begraven van een lijkkist of een asurn in geconcedeerde grond van 2 m² voor een periode van 30 jaar wordt vastgesteld op 250,00 EUR per persoon. Het begraven van een tweede lijkkist of asurn doet de termijn van 30 jaar hernieuwen. De retributie voor het begraven van een asurn in geconcedeerde grond van 1 m² voor een periode van 30 jaar wordt vastgesteld op 175,00 EUR per persoon. Het begraven van een tweede asurn doet de termijn van 30 jaar hernieuwen. 2. Grafkelders Voor het bijzetten van een lijkkist of een asurn in een grafkelder van twee personen wordt de retributie vastgesteld op 1.000,00 EUR. Eén plaats in een grafkelder kan worden ingenomen door één lijkkist of door twee asurnen. Indien er op éénzelfde plaats méér asurnen worden bijgezet, zonder het totaal van 6 asurnen te overschrijden, dan wordt per bijkomende asurn een retributie van 175,00 EUR aangerekend. De grafkelders worden in concessie gegeven voor een termijn van 50 jaar. Telkens er een bijzetting gebeurt kan, op uitdrukkelijke aanvraag van enig belanghebbende, de concessie voor een nieuwe periode van dezelfde duur worden hernieuwd tegen betaling van een bijkomende retributie die vastgesteld wordt op 1.000,00 EUR, verminderd met 20,00 EUR per volledig verstreken jaar sedert het toestaan of de laatste hernieuwing van de concessie. 3. Columbaria Het bijzetten van een asurn in niet-geconcedeerde nis in een columbarium voor een periode van 7 jaar is gratis. Na het verstrijken van voormelde periode van 7 jaar kan geen grafconcessie op dezelfde plaats worden toegestaan en kan de nis door het gemeentebestuur eenzijdig verwijderd worden. De retributie voor het bijzetten van een asurn in een geconcedeerde nis in een columbarium voor een periode van 30 jaar wordt vastgesteld op 175,00 EUR per persoon. Het bijzetten van een tweede asurn doet de termijn van 30 jaar hernieuwen. Voor het bijzetten van een asurn in een piramide-nis voor 4 personen wordt de retributie vastgesteld op 1.000,00 EUR. De piramide-nissen worden in concessie gegeven voor een termijn van 50 jaar. Telkens er een bijzetting gebeurt kan, op uitdrukkelijke aanvraag van enig belanghebbende, de concessie voor een nieuwe periode van dezelfde duur worden hernieuwd tegen betaling van een bijkomende retributie die vastgesteld wordt op 1.000,00 EUR, verminderd met 20,00 EUR per volledig verstreken jaar sedert het toestaan of de laatste hernieuwing van de concessie. In geval van crematie wordt door de Ambtenaar van de burgerlijke stand een beëdigd geneesheer aangesteld om de vaststelling van het overlijden te bevestigen. Het ereloon en alle daaraan verbonden kosten van de aangestelde beëdigde geneesheer vallen ten laste van de gemeente waar de overledene, op het ogenblik van het overlijden, ingeschreven staat in de bevolkings-, vreemdelingen, of wachtregister. De erelonen en alle andere kosten verbonden aan de bevestiging van de vaststelling van het overlijden door een beëdigd aangesteld geneesheer in geval van crematie wordt vastgesteld op 30,00 EUR per vaststelling. 4. Asverstrooiingsweide Het verstrooien van de as van de overleden personen op de asverstrooiingsweide op de gemeentelijke begraafplaatsen is gratis. In geval van het aanbrengen van een naamplaatje op een herdenkingsplaat is het gebruik van de door het gemeentebestuur kosteloos ter beschikking gestelde uniforme naamplaatjes waarop de nabestaande op hun kosten de naam, de geboortedatum en de overlijdensdatum van de overledene wiens asse verstrooid wordt op de asverstrooiingsweide kunnen vermelden, verplicht. Artikel 3: De in artikel 2 vermelde tarieven zijn bestemd voor personen die op het ogenblik van de aanvraag of van het overlijden in het bevolkingsregister van de gemeente Kluisbergen zijn ingeschreven. Voor personen die op het ogenblik van de aanvraag of van het overlijden niet in het bevolkingsregister van de gemeente Kluisbergen zijn ingeschreven worden de in artikel 2 vermelde tarieven verdubbeld. Het stoffelijk overschot van personen die op het ogenblik van de aanvraag of van het overlijden niet in het bevolkingsregister van de gemeente Kluisbergen zijn ingeschreven kunnen niet begraven worden in niet-geconcedeerde grond of niet worden bijgezet in een niet-geconcedeerde nis, behoudens het bepaalde in artikel 5 in fine. Artikel 4: Wanneer de tweede overledene op het ogenblik van het overlijden niet ingeschreven is in het bevolkingsregister van Kluisbergen, en nog over geen concessie beschikt, worden de in artikel 2 vermelde tarieven slechts met de helft verhoogd wanneer de eerste overledene op het ogenblik van de aanvraag of van diens overlijden ingeschreven was in het bevolkingsregister van de gemeente Kluisbergen. Artikel 5: De in artikel 2 vermelde tarieven worden niet verdubbeld voor personen die opgenomen zijn in gestichten, bejaardentehuizen, kolonies of inrichtingen voor geesteszieken of gezondheidsinrichtingen of die opgenomen zijn bij bloed- of aanverwanten tot in de derde graad, en die op het ogenbik van hun opneming ingeschreven waren in het bevolkingsregister van de gemeente Kluisbergen, doch die uit hoofde van hun opneming ertoe gehouden zijn zich te laten inschrijven in de gemeente waar de inrichting gevestigd is of waar hun bloed- of aanverwanten tot in de derde graad gedomicilieerd zijn. Het stoffelijk overschot van voormelde personen kan eveneens begraven worden in niet-geconcedeerde grond of worden bijgezet in een niet-geconcedeerde nis. Artikel 6: Bij het einde van de in artikel twee vermelde periode van 30 jaar voor geconcedeerde grond en een geconcedeerde nis en de in artikel twee vermelde periode van 50 jaar voor een grafkelder of een piramide-nis, kan de grafconcessie op dezelfde plaats voor de duur van respectievelijk 30 of 50 jaar vernieuwd worden, mits betaling van de op dat ogenblik geldende retributie voor de grafconcessie. Artikel 7: Het bedrag van de retributie wordt door de aanvrager van de grafconcessie bij de gemeenteontvanger of diens gemachtigde geconsigneerd op het ogenblik van de concessieaanvraag en wordt eigendom van de gemeente op het ogenblik van de betekening van de beslissing waarbij de concessie wordt toegestaan. Artikel 8: Het College van Burgemeester en Schepenen wordt met de uitvoering van deze beslissing belast. Artikel 9: Dit reglement zal overeenkomstig de artikels 112 en 114 van de Nieuwe Gemeentewet afgekondigd en bekend gemaakt worden. Artikel 10: Afschrift van deze beslissing wordt overgemaakt aan de Gemeenteontvanger, de afdeling bevolking en burgerlijke stand, de afdeling gemeentewerken en de afdeling financiën. Artikel 11: Afschrift van deze beslissing zal overeenkomstig artikel 29 van het Decreet van 28 april 1993 houdende regeling, voor het Vlaamse Gewest, van het administratief toezicht op de gemeenten, ter kennis worden overgemaakt aan de heer Gouverneur der Provincie Oost-Vlaanderen. Artikel 12: In toepassing van artikel 28 van het Decreet van 28 april 1993 houdende regeling, voor het Vlaamse Gewest, van het administratief toezicht op de gemeenten, dit besluit ter kennis te brengen van het publiek en een beknopte omschrijving te versturen aan de heer Gouverneur der Provincie Oost-Vlaanderen. |

